Getuigenis – Opinie van een Leerkracht

M. V. Alle goede bedoelingen ten spijt brachten de mails van lesgevers, de eindeloze opdrachten om ons in structuur te houden, het appèl dat van alle kanten lijkt...

38 0
38 0

M. V.

Alle goede bedoelingen ten spijt brachten de mails van lesgevers, de eindeloze opdrachten om ons in structuur te houden, het appèl dat van alle kanten lijkt te komen weinig soelaas aan het mini bootje waar ik in zit: mama, partner, leerkracht , hoopverlener én mezelf. Dat is niet weinig om een bootje drijvend proberen te houden. En ergens in de mist is er een onstuitbare gedachte die ik hier met je wil delen.

Wanneer ik het goedbedoelde advies krijg dat ‘problemen in deze tijd geen stoptekens zijn maar wegwijzers’ trekt de mist op. Arm, arm Vlaanderen, echt! Hoezo wegwijzers? Waar wijst het dan naar toe? Is dat niet net waar het schoentje knelt: dat we niet durven stoppen; voor wat wèl een stopteken is? Is het niet zo dat we – onbewust – bang zijn? Bang dat wanneer we geen opdrachten, taken, lessen zouden geven – onder het mom van behoud van structuur – we bij onszelf terecht komen en de irrelevantie van ons vak onder ogen zouden zien. Wanneer we durven stoppen komen we uit bij onszelf.  ‘Wie ben ik zonder mijn vak, zonder mijn rol als leerkracht?’ Die angst hoeven jongeren niet onder ogen te zien: ze hebben nog geen vak. Dus voor wie doen we het dan? Voor onszelf ? Omdat we het stopteken negeren? En rondjes draaien omdat de wegwijzers niet altijd duidelijk zijn? Je zal maar van iemand afscheid moeten nemen in dit Corona tijdperk en daar niet kunnen of mogen bij stilstaan. Ondanks alle blabla over jongeren, moeten zij wèl stil staan bij zichzelf; dicht bij hun zoektocht. Toegeven: dit is ook de levensfase waarin we zitten, zoekend naar identiteit. En nee, ze hebben nog geen vak. Neemt niet weg dat ze vorig jaar in groep de straten op durfden komen. We kregen ze niet klein (laat staan opgesloten in een structuur). Noodgedwongen is hen nu afgenomen waar het in hun leven om draait, dat wat zij nodig hebben om hun identiteit te ontwikkelen. Dat wat hun de drive geeft: ontmoeting en vrienden. Want dat is het nu, dat zijn de elementen die groei geven en een spiegel voorhouden. Wat is ons antwoord, ons tegengewicht, onze hoopverlening? Wij leerkrachten dienen onze plicht te doen door taken en lessen te geven en oh, zeker ook via skypelessen te vragen hoe het met hen is, zo verantwoordelijk zijn we wel. Maar hun hart raken??? We hebben geen weerwoord gegeven toen onze minister van onderwijs in zijn nieuw decreet citeerde ‘Vlaanderen heeft geen ander grondstoffen dan zijn hersencellen’ . Oh neen? We hebben gezwegen. Ook ik, ik die tot in het diepste van mezelf doordrenkt ben dat God het hart aan ziet. En niet de hersencellen. En de mens? De mens ziet aan wat voor ogen is. Arm, arm Vlaanderen, arme scholen, arme directies, arme leerkrachten, arme minderbedeelden, arme van ontmoeting verstoken jongeren…..

In dit artikel